’t SchrijfNest ging vandaag op verplaatsing, meer bepaald naar de boomgaard van de Bistro van Zevenkerken die ons kon inspireren voor plezierige werkwoorden. Na de lunch maakten we lijstjes ter voorbereiding van heel wat schrijfsels die we met elkaar deelden.

boomgaard van bistro Zevenkerken (2025)
foto hierboven: ©Siska Desmet
foto’s hiernaast: ©vivapo

Hieronder kan u onze schrijfoogst lezen.

‘kuttelen’ wil Flo
kuttelen dat doe je zo
kuttelen met mijn schaar
kuttelen, toe meme, kom maar

ont-moeten, vandaag moet niets
ontmoeten, niet met de auto maar met de fiets
ontmoeten, ik zie jou, jij ziet mij
ontmoeten, samenzijn maakt ons blij

tsjingen op het leven
tsjingen elke dag
tsjingen en liefde geven
tsjingen omdat het mag

schrijf op een wit blad met gebruik geen rode balpen
schrijf wat in je opkomt maar liefst geen prietpraat
schrijf een kort gedicht maar zonder rijm
schrijf omdat je het graag wil maar schrijf geen onzin

rijpen maar niet vallen
bewegen maar niet gaan zitten
schrijven maar niet nadenken
voorlezen maar niet verder vertellen

dialoog tussen mezelf en een heel klein appeltje:

‘Ben jij een appeltje of een bes?’
‘Bessen groeien niet aan bomen, ik ben een appel.’
‘Oh, excuseer, ik zag nog nooit zo’n kleine appeltjes.’
‘We worden heus nog groter hoor, de zomer duurt nog lang.’
‘En welke soort zijn jullie dan?’
‘Soort, hoe bedoel je? We zijn allemaal rood en klein.’
‘Ik zoek het wel even op in Obsidentify. Jullie soort zag ik nog nooit in de fruitwinkel.’
‘Helaba, we zijn ook niet te koop of om op te eten. Geniet nu maar gewoon van onze schoonheid.’

nieuwsgierig
vraag ik
ben jij een
bes of appel
eetbaar of niet
welk soort
fruit

klein
en rood
ik groei nog
de zomer duurt
nog heel lang
geniet van
schoonheid

Obsidentify
legt uit
een speciaal appeltje
in Zevenkerkse tuin
niet eetbaar maar
enkel voor
sier

hier
hang ik
samen met anderen
zie ons shinen
zie ons blozen
in de
boomgaard

Konkelfoezen in een hoekje;
konkelfoezen is niet volgens het boekje;
konkelfoezen is dolle pret;
konkelfoezen nu aan zet.

Konkelfoezen doen broer en zus;
konkelfoezen met een kus;
konkelfoezend kijken ma en pa;
konkelfoezend vliegt daar een BH.

Konkelfoezen kan elke dag;
konkelfoezen met een schaterlach;
konkelfoezen samen met jou;
konkelfoezen is helemaal niet flauw.

Schommel op de stoel maar breek de poten niet.
Trappel met de bloemen maar heb respect voor de bloemen.
Drink koffie met liters maar vergeet het slapen dan.
Spreek af met een vriendin in de tuin maar praat niet te luid.
Luidt de klokken maar wees op tijd.
Bak die pannenkoeken maar bak ze niet te bruin.
Maai het gras maar nu even niet.
Fluit jouw hond terug maar geef hem geen pannenkoek.
Loop rond in het bos maar hou je kleren aan.

Ik heb het warm.
Tijd om je kap over de haag te gooien.
Toch niet hier?
Wissel misschien in het toilet?
Ik heb alleen een topje aan.
Als die kloosterkleren af zijn, ben je best wel een mooie vrouw.
Ga je met me mee?
Ja, ik leg jouw haren in de plooi.
Waar verstop ik mijn habijt nu?
Doe het even in deze IKEA-zak.
Zullen we hem verkopen met een handleiding er bij?
Haha, jij zotte non.
Kom, we gaan koffie drinken.
En een taartje eten.

Konkelfoezen

Kloosterlingen hebben het warm.
Onzin, mijn lieve vriendin, het zit tussen jouw oren.
Nu moet je eens goed luisteren.
Kan je mij zeggen waarom?
Even serieus nu.
Laat ons geen ruzie maken.
Fréle dames met kilo’s kleren.
Onze vader verwacht dit niet van jou.
En een zware kap op het hoofd.
Zou je niet liever gaan shoppen?
En wat moet ik dan kopen?
Nachtlingerie, je weet maar nooit.

Dikke mannen fantaseren

al te dikwijls zonder kleren.

Ze geven graag een zoen

aan een frêle bloem.

Magere mannen discussiëren

konkelfoezen en jongleren,

dan is gemierenneuk

al met al zo leuk!

Fantaseer niet over eten, maar drink wat rode wijn.

Fantaseer over reizen maar vergeet niet thuis te komen.

Fantaseer niet over boten, maar wieg jezelf in slaap.

Fantaseer over vliegen, maar land niet op je bek!

Gelikt aan een ijsje, maar verraderlijke plekken op je broek.

Gewiegd in de wind, maar je kapsel in de war.

Gesluimerd op een stoel, maar wakker worden op het gras.

Gezonnebaad in de tuin maar nat van de regen.


‘Wat ruik jij lekker!’

‘Je kunt me niet ruiken.’

‘Hoezo niet?’

‘Je bent een bij. Je zoemt.’

‘Bijen kunnen wel meer. En ook van je eten.’

‘Dat durf je niet! Hoor je!’

‘Ik heb ook een angel om je pijnlijk te steken.’

‘Pft, dat zal ik niet voelen.’

‘En waarom niet?’

‘Ik ben een bloem. Zie je dat niet?’

‘Wat

ruik je

lekker vandaag en

wat ben je

kleurig, fleurig geel.

Hoor je

me?’

‘Je

kunt me

niet ruiken en

je zoemt me
zwaar 
op de
zenuwen! Ga

weg!’

‘Wijsneus!

Mijn gezoem

is mijn lied

waarmee ik probeer

je te verleiden

om een

hapje.’

‘Een

hapje hier

en een hapje

daar! Mijn stuifmeel

ligt niet te

grabbel vandaag.

Hatchoem!’

fluit als een merel
fluit als een kerel
fluit vooral overdag
fluit als ’t niet mag
fluit op je vingers
fluit onder slingers
fluit nu en dan een lied
fluit niet naar een griet
flut je soms op een blokfluit
fluit dan niet al je adem uit
fluit je als een kaketoe
fluit dan de boeken toe


Snoep van de taart, maar verslik je niet.
Wip op je stoel, maar breek de poten niet.
Pluk geen appels in ’t geniep, maar koop ze bij de fruitboer.
Hou gerust de hand van je buur vast, maar laat die straks ook los.
Tetter er op los, maar luister nu en dan naar ’t gekwetter van vogels.
Geeuwen kan deugd doen, maar hou minstens je hand voor de mond.
Klokken luiden om het uur, maar ik laat mijn middagrust niet verstoren.
Taart eten in groep is leuk, maar op de weegschaal voel ik me eenzaam.
Wijzen is onbeleefd zei ze, maar ze viel over een stoel waarop ik haar niet had gewezent




Speel van de morgen tot de avond maar vergeet niet te eten.

Speel met letters en woorden maar hoed je voor vloeken.

Speel met vrienden een bordspel maar breek de borden niet.

Speel een gezelschapspel op hotel maar pleeg geen overspel.

Dag Appel.
Dag moeder.
Wat hang je triestig te bengelen op het eind van mijn onderste tak.
Het is hier eenzaam. Mijn broers en zussen gaven de pijp aan Maarten.
Rustig jongen. Jouw tijd komt ook nog wel.
Wanneer?
De tijd is nog niet rijp voor jou.
Waarom? Waarom ik?
Laat dat gejammer. Je bent niet het enige kind dat smacht naar volwassen worden.
Hoezo?
Hoog Appel, kijk omhoog Appel dan zie je ook broers en zussen aan andere takken.

Ik ben zo eenzaam
zonder mijn vrienden.
Andere takken
die
ook uit
jouw stam vertrekken
dragen meer vruchten.

Hoog appel, kijk omhoog
appel, kijk naar
de blauwe
lucht
die jou
doet stralen en
groeien tot rijpe vrucht.

Word ik ooit groot
zonder te blozen?
Word ik
rijp
zonder gekwetst
te worden door
een of andere vogel?

Je lot ontloop je
niet mijn kind.
Luister naar
’t lied
van de
vogel die jou
lekker vindt en prikt.

An – rondeel met rijmschema

verzen creëren
met plezierige werkwoorden
is zoals waterverven proberen
verzen creëren
of landschappen aquarelleren
bosbaden of reizen naar het hoge noorden
met plezierige werkwoorden
verzen creëren

Tine – rondeel met rijmschema

Die acht hippe tuin-gazellen,

ze schreven dialogen en rondelen.

Ze vonden hapjes om te bestellen,

die acht hippe tuin-gazellen.

En met Ramses en Tura als proza modellen,

konden ze zich amper vervelen.

Ze schreven dialogen en rondelen,

die acht hippe tuin-gazellen.

Viviane – rondeel

Acht hippe vogels haalden hun hart op
aan plezierige werkwoorden
in de boomgaard van Zevenkerken.
Acht hippe vogels haalden hun hart op
bij het leven in en onder de fruitbomen
en het lekkers dat de bistro in petto had.
Aan plezierige werkwoorden
haalden acht hippe vogels hun hart op.

foto rechts: ©Ann Hudders
overige: ©vivapo

Viviane Van Pottelberghe
7 augustus 2025

Eén reactie

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *